Een familie-BV voor uw beleggingen
In een familie-BV houdt u aandelen met een vaste waarde, en gaat de toekomstige groei naar de aandelen van uw kinderen.
Voor wie
Mensen met grote beleggingen die lang belegd blijven.
Let op
Een BV kost geld en kent eigen belastingen (vennootschapsbelasting en box 2). De Belastingdienst kijkt kritisch naar zulke constructies. Alleen met een adviseur.
Dit regelt u met een belastingadviseur.
Wettelijke basis: art. 175 BW2, art. 1 SW
Artikel 175 Burgerlijk Wetboek Boek 2 (rechtspersonen)
Artikel 175 1 Deze titel is van toepassing op de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid. De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid is een rechtspersoon met een in een of meer overdraagbare aandelen verdeeld kapitaal. De aandelen zijn op naam gesteld. Een aandeelhouder is niet persoonlijk aansprakelijk voor hetgeen in naam van de vennootschap wordt verricht en is niet gehouden boven het bedrag dat op zijn aandelen behoort te worden gestort in de verliezen van de vennootschap bij te dragen, onverminderd het bepaalde in artikel 192. Ten minste één aandeel met stemrecht in de algemene vergadering wordt gehouden door een ander dan en anders dan voor rekening van de vennootschap of een van haar dochtermaatschappijen. 2 De vennootschap wordt door een of meer personen opgericht bij notariële akte. De akte wordt getekend door iedere oprichter en door ieder die blijkens deze akte een of meer aandelen neemt.
Officiële tekst, geldig vanaf 2026-07-01_0.
Artikel 1 Successiewet 1956
Artikel 1 1 Krachtens deze wet worden de volgende belastingen geheven: 1°. erfbelasting over de waarde van al wat krachtens erfrecht wordt verkregen door het overlijden van iemand die ten tijde van het overlijden in Nederland woonde; 2°. schenkbelasting over de waarde van al wat krachtens schenking wordt verkregen van iemand die ten tijde van de schenking in Nederland woonde. 2 Onder verkrijging krachtens erfrecht wordt voor de toepassing van deze wet mede verstaan de verkrijging van vergunningen en aanspraken bij of na het overlijden van de erflater indien die verkrijging rechtstreeks verband houdt met de omstandigheid dat de erflater die of dergelijke vergunningen en aanspraken bezat. 3 De verkrijging ten gevolge van de vaststelling van een rentevergoeding op grond van: a. een uiterste wilsbeschikking ten aanzien van vorderingen en schulden die zijn ontstaan krachtens erfrecht, of b. een overeenkomst als bedoeld in artikel 13, vierde lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek, wordt voor de toepassing van deze wet geacht alleen krachtens erfrecht door het overlijden te zijn verkregen indien deze binnen de met inachtneming van artikel 45 vastgestelde aangiftetermijn is vastgestel…
Officiële tekst, geldig vanaf 2026-01-01_0.
Wat levert het u op?
De gratis check Slim nalaten rekent het voor uw situatie uit, samen met alle andere manieren.
Start de gratis check